Ik ben een man van de hilariteit, altijd al geweest. Dat mijn gevoel voor humor al jaren op punt staat zou ik graag bewijzen door het volgende fragment uit mijn leven met u te delen. Toen ik 11 jaar was vertrok ik met de klas op paardenweek. Zoals de benaming subtiel doet vermoeden was dat een week waarin we leerden omgaan met paarden. In praktijk kwam het er op neer dat we stallen moesten kuisen en de paarden moesten borstelen. Als er nog een beetje tijd over was mochten we ook wel eens op zo’n paard gaan zitten.
Over die week weet ik eigenlijk zo goed als niets meer. Mijn enige herinneringen bestaan uit een blaadje waarop ik alle namen van de paarden had geschreven, een haar uit een paardenstaart en enkele details over een nachtelijke boswandeling. Zoals het wel vaker gebeurt bij een nachtelijke boswandeling waren we omgeven door bomen en was het er donker. In die periode was ik nog niet slechtziend en dacht ik zelfs dat ik een superieur zicht had. Bang in het donker? Nee hoor. Ondanks mijn liefde voor het repertoire van Samson & Gert werd er door mij bijzonder weinig gefloten wanneer de lichten uitgingen.
Tijdens de boswandeling had ik de behoefte om mijn leerkrachten en medeleerlingen in de maling te nemen. Ik vond een manier waarbij ik dat kon combineren met het demonstreren van mijn gebrek aan angst voor donker en bos. Ik deel de plannen alvast met u zodat u mee kan gniffelen:
1. Voorbij de groep lopen
2. Iedereen laten passeren
3. Blijven liggen
4. Wachten tot ze me zouden zoeken
5. Opstaan en zeggen dat het een grapje was
Geef toe, hilariteit op z’n best!
In de praktijk ging het niet helemaal zoals gepland. Ik liep voorbij de groep en ging plat op mijn buik liggen. Als ik er op terugkijk was dat een vrij idiote zet aangezien ik iedereen wou laten passeren, ik kon ook gewoon achter de groep op mijn buik gaan liggen. Maar goed, niemand merkte me op en de groep keerde terug naar de verblijfplaats. Daar lag ik, in m’n vuistje te lachen.
Een half uur later was het zelfs voor mij niet meer grappig. Ik was een 11-jarig jongetje, helemaal alleen in een bos. Het kon niemand wat schelen. Erger nog, ze hadden het helemaal niet door. Het treuren over het mislukken van de climax werd al snel ingeruild voor angst. Ineens hoorde ik al de vreemde geluiden die bij een bos horen en moest ik toegeven dat ik geen steek voor mijn ogen zag. Na een korte huilbui zocht ik de weg naar onze verblijfplaats. Toen ik die eindelijk vond sloop ik in alle stilte naar binnen en kroop ik zoals mijn medeleerlingen onder de lakens.
Ik was een comedian en een loser tegelijkertijd, maar niemand wist het.